Kruipen, lopen en marcheren zijn natuurlijke kruisbewegingen. Wanneer het rechterbeen en de linkerarm tegelijkertijd naar voren worden bewogen, wordt er gesproken van een kruisloopbeweging. Voor het maken van deze beweging zijn zowel de linker- als rechterhersenhelft nodig. De rechterhemisfeer controleert de linkerkant van het lichaam en de linkerhemisfeer controleert de rechterkant. Voor het aansturen van het rechterbeen is dus de linkerhemisfeer nodig en tegelijkertijd stuurt de rechterhemisfeer de linkerarm aan.  Om te kunnen kruislopen zullen beide hersenhelften op hetzelfde moment de spieren van de ene en de ander kant van het lichaam moeten stimuleren. Je hebt dan te maken met twee kapiteins op een schip die moeten samen werken.

Samenwerking

De hersenhelften hebben weliswaar verschillende functies, maar kunnen niet los van elkaar functioneren. De beide helften worden met elkaar verbonden door het Copus Callosum, de hersenbalk. Gedurende de babytijd ontwikkelt zich een systeem van schakelaars dat er op gericht is om informatie te synchroniseren en te integreren, zodat beide kanten harmonieus met elkaar kunnen samenwerken. Een hersenhelft kan een bepaalde taak zelfstandig uitvoeren. Ook kan het een taak van de andere hersenhelft overnemen. In het algemeen is het zo dat, hoe complexer de taak, hoe meer beide helften ingeschakeld dienen te worden bij het uitvoeren ervan.

Denk maar aan veterstrikken. Dit is een taak waarvoor samenwerking tussen linker en rechterhersenhelft is vereist.

Functies

De rechterkant staat bekend als de gestalt-brein. Deze kant herkent informatie als een geheel. De gestalt-brein is onder andere gericht op het onthouden van gezichten, maar niet op het onthouden van de naam die erbij hoort. Het onthouden van een naam wordt gedaan door de linkerhelft. De rechter kan is ook verantwoordelijk voor de oriëntatie in de ruimte, voor kleur, toon, voor het lichaamsbewustzijn en het artistiek vermogen.  De linkerhersenhelft staat betekent als de analytische hemisfeer. Deze kant heeft een  geheel ander kijk op informatie. Het is kritisch, oordeelt, stelt grenzen en is zich bewust van de tijd.

Waar de rechterkant nodig is om de informatie tot een herkenbaar geheel te maken, zorgt de linker kant ervoor dat dezelfde informatie in details wordt ingedeeld en in een bepaalde volgorde.

De lichaamsbeweging die vanuit de rechterhemisfeer gestuurd wordt is soepel, gracieus en sierlijk, die vanuit de linkerhemisfeer is gecontroleerd en precies.

Kruisgang

Normaal ontwikkelen wij een bilaterale beweging of kruisgang. Dit betekent dat we bij het lopen zowel tegelijkertijd gebruik maken van de linkerarm en het rechterbeen, en omgekeerd. Bij deze manier van bewegen functioneren beide hersenhelften tegelijkertijd. Over het algemeen is deze beweging een automatisch proces, waarbij niet wordt nagedacht. Deze kruisgang wordt onder meer ontwikkeld gedurende de kruipfase. Als deze kruipfase niet lang genoeg heeft geduurd of wordt overgeslagen, bestaat de kans dat het automatisme van de integratie minder is. Het bewegen in een kruisgang gaat niet of minder automatisch. Dan ontstaat er een homolaterale beweging. Tijdens het lopen bewegen linkerarm en linkerbeen, en andersom. Dit ziet er als een houterige beweging uit. Niet alleen de beweging wordt minder soepel. Ook handelingen waarbij beide hersenhelften samen moeten werken vormen een uitdaging. Bijvoorbeeld verstrikken maar ook huppelen, lezen, schrijven, reken etc.